Ronde 771 van de Onafhankelijke Radioamateurs Brabant “ORB” 10-03-2021


* Goedenavond zend, en luisteramateurs,

U kijkt weer naar de woensdagavond ronde.

En wij proberen u, zoals bij elke ronde weer wat nieuws te brengen.

Elke éérste dinsdag van de maand is er een

“Besloten” bijeenkomst van de vriendenkring.

Deze worden gehouden in het scoutinggebouw van Rey de Carle-,

Bladelstraat 2 in de wijk Reeshof te Tilburg.

Op deze avonden is onze QSL-manager aanwezig.

De bijeenkomsten hebben een vriendschappelijk karakter, waar we

Ervaringen kunnen uitwisselen, gewoon gezellig bij elkaar kunnen zijn.

Wat bijkletsen, met af toe een lezing.

En….

Dat willen we graag zo houden

Onze rondeleiders zijn Johan PD2JCW

En Frank PF1SCT

 

 

*ARISS APRS testen.

Auteur Frank Webmaster PI4RAZ.

Geplaatst op 3 maart 2021.

Het ARISS-team heeft zeer nauw samengewerkt met NASA en ESA 

om mogelijke oorzaken van de ARISS-radioproblemen te identificeren 

en deze problemen op te lossen die zijn ontstaan na de EVA (ruimtewandeling) op 27 januari.

Tijdens deze ruimtewandeling werd bekabeling geïnstalleerd ter ondersteuning van de inbedrijfstelling 

van de Bartolomeo-payload die gemonteerd is in de Columbus-module.

Een deel van deze bekabeling vervangt de oude bekabeling van de ARISS-antenne 

op de Columbus naar het ARISS-radiosysteem.

Met behulp van veel coördinatie tussen NASA en ESA zal ARISS een reeks APRS-tests uitvoeren 

om de werking van het ARISS-radiosysteem in Columbus vast te stellen 

door het uitproberen van drie verschillende bekabelingconfiguraties.

De komende dagen zal ARISS een reeks tests uitvoeren met behulp van de APRS-capaciteit

via de standaard 145,825 MHz APRS-frequentie.

De bemanning zal periodiek de radio uitschakelen en kabels verwisselen,

zodat ARISS de problemen met het radiosysteem en de bekabeling kan troubleshooten.

ARISS is niet zeker van de exacte tijden van de kabelwisselingen,

aangezien deze afhankelijk zijn van de beschikbaarheid van de bemanning.

Men verwacht dat deze tests op 2 maart om 16.00 uur UTC beginnen en ergens tot 3 maart doorlopen.

Er is geen garantie dat deze tests het radioprobleem zullen oplossen.

Maar we moedigen het gebruik van de ARISS APRS tijdens deze periode aan.

Bovendien is er een ingelaste taak goedgekeurd voor een EVA

die gepland staat voor vrijdag 5 maart als deze tests niet succesvol zijn.

Deze EVA-taak gaat dan de ARISS-bekabeling terugbrengen

naar de oorspronkelijke staat van vóór de EVA van 27 januari.

Omdat het een extra ingeplande taak is,

zal de bemanning de activiteit alleen uitvoeren als de tijd het toelaat.

Er is dus geen garantie dat deze EVA op vrijdag zal plaatsvinden.

Men vraagt om alsjeblieft geen “Geen contact” e-mails of reacties op sociale media te sturen,

aangezien dit het ARISS-team zal ondersneeuwen.

Maar als je met zekerheid kunt aantonen dat het packet systeem werkt of er verbinding mee kunt maken,

laat dan de datum, tijd en de locator van de verbinding weten.

Met dank voor het geduld bij het oplossen van deze ietwat complexe verstoring.

https://www.pi4raz.nl/   Edmond PA3E

 

 

*Ofcom legt amateurs EMF-eisen op.

Auteur Frank Webmaster PI4RAZ.

Geplaatst op 4 maart 2021.

Ik volg al een tijdje de zich ontwikkelende regelgeving in Engeland, opgelegd door hun AT, Ofcom.

Ofcom wil de licenties zodanig aanpassen dat daarin een clausule komt

waarin een amateur zich aan de internationale EMF-richtlijnen moet houden.

En dat heeft grote gevolgen.

Het begon een tijdje terug toen Ofcom aankondigde een EMF (Electro Magnetic Field) clausule

toe te gaan voegen aan de machtigingsvoorwaarden.

Daarbij zouden amateurs moeten berekenen wat de veldsterkte van hun antenne in de publieke ruimte is,

en er zorg voor moeten dragen dat een bepaald maximum niet overschreden wordt

– indien zij meer vermogen mogen (niet kunnen!) maken dan 10W EIRP of 6.2W ERP.

Dit volgens de richtlijnen van de International Commission for Non-Ionising Radiation Protection.

In België speelde in 2011 een soortgelijke zaak, maar daar hoor ik eigenlijk niets meer over.

Maar nu gaan ze in Engeland dit soort dingen opleggen aan amateurs;

18 mei zou dit effectief moeten worden, waarna een gedoogperiode van een half jaar

volgt om je apparatuur (zal voornamelijk antennes zijn) zo aan te passen dat je aan de stralingslimieten voldoet.

Of je dat doet, kan je uitrekenen met een EMF-calculator,

een spreadsheet waarin je vermogen en frequentie in kunt geven en het resultaat is

dan een “Separation Distance”, ofwel een afstand tot de antenne waarbinnen geen publiek mag komen.

Ik heb er eens mee gespeeld,

en wat ik zie is dat de separation distance oploopt van 3 meter bij 450MHz tot 4,77m bij 10MHz.

Lager gaat de tool niet.

Bijna 5 meter!

Ik woon in een hoekhuis, en heb een Inverted-V gespannen

vanaf een mast op mijn dakterras naar de uithoeken van de tuin.

Op één plek van de dipool komt deze binnen een meter van het trottoir dat achter mijn heg ligt.

Dat zou betekenen dat ik volgens deze regels mijn antenne niet meer mag gebruiken,

maar een andere oplossing moet verzinnen.

Ik vind deze regelgeving om meerdere redenen onzinnig.

En ik vraag me af of ze dat ook toepassen op commerciële antenne installaties:

dan denk ik dat er daar ook nog wel een paar van zijn die er niet aan voldoen…

(denk aan opstellingen op daken van appartementen).

Mijn belangrijkste bezwaar is dat deze regels opgesteld zijn voor een continu uitgestraald vermogen.

Dus een FM-zender die permanent full-carrier zendt.

Maar de meeste van ons werken in SSB,

waarbij het gemiddelde vermogen tijdens het zenden maar 2% is van het piekvermogen.

Daarom blijft een PL519 eindtrap ook heel.

Die zou exploderen met 100% dutycycle.

En daarnaast zend je ook nog eens de helft van de tijd niet.

In morse schijnt het gemiddelde vermogen op 48% te liggen,

en ook dan ben je de helft (of meer) van de tijd niet in de lucht.

Desondanks zet Ofcom deze toevoeging aan de licenties van amateurs toch door.

Ik ben benieuwd wat dit gaat betekenen,

want voor veel amateurs zal dit serieuze antenneperikelen opleveren.

Het is een uitvoering van regelgeving die voor dit doel helemaal niet bedoeld is;

een ziekte waar veel overheden aan lijden

(Zie de ophef over de boete aan de Signi Zoekhonden).

Hopelijk gaat het AT dat soort dingen niet hier in Nederland doorvoeren.

Ik blijf het op de voet volgen.

https://www.pi4raz.nl/   Edmond PA3E

 

 

*Geschiedenis van de tijd .

De kalender vertelt ons in welke tijd wij leven.

Maar dat blijkt toch geen een eenduidig begrip.

Iedereen heeft daar zo zijn/haar eigen ideeën over.

En over de eeuwen blijkt dat helemaal geen constant gegeven te zijn.

Je zou denken dat voor elk individuele op elke plaats en tijd hetzelfde moeten zijn.

Al sinds de grijze oudheid merkten zowel de gewone man als de geleerden dat dat toch niet klopte.

Er bestond een logische voortgang in de tijd, eenrichtingsverkeer: van verleden, heden naar toekomst.

(De omgekeerde richting scheen voor sommige mystieke figuren ook mogelijk te zijn.)

Wanneer de tijd begonnen was, bleef en is nog steeds iets mystieks

en werd de grondslag van de vele religies, ook nu nog.

Het bleek voor allerlei activiteiten noodzakelijk om met een naam of getal

een moment in de tijd van de dag en dag in het jaar aan te kunnen geven.

De voortgang in de tijd werd toen al ingedeeld in dagen, weken,

maanden en werd al eeuwenlang bepaald door licht en donker overgangen.

De tijdmetingen

De nauwkeurigheid van die metingen werden bepaald door de middelen die toen beschikbaar waren.

De nauwkeurigheid waarmee de rotatie van de aarde om de zon,

de periode die de aarde voor een omwenteling om haar as nodig had

en het aantal dagen dat de maan nodig had om rond de aarde te cirkelen

bepaalde dus de nauwkeurigheid van elke kalender.

De duur van een jaar is gebaseerd op de rotatie van de aarde om de zon.

Een dag is dan de periode die de aarde voor een omwenteling om haar as nodig heeft.

De rotatie van de aarde om haar as bleek eeuwenlang constant te zijn.

Echter de hoogste stand van de zon boven de horizon

bleek toch afhankelijk van de plaats op aarde.

De meting van een jaar is gebaseerd op de rotatie van de aarde om de zon

en bleek ook niet constant te zijn.

(We kennen nu een astronomisch en een, tropisch of zonnejaar.)

Een maand werd in het verre verleden gerekend tussen de tijd van twee volle manen,

of het aantal dagen dat de maan nodig had om de aarde te cirkelen. (29.5 dagen)

Deze meting, genaamd ’maanmaand’,

resulteerde in een maandjaar van 354 dagen. Kalenders

Vele machthebbers verzonnen daarom systemen

om hun vazallen aan te kunnen geven wanneer er waar zij iets moesten uitvoeren.

Zij maakten daartoe hun eigen kalender, een systeem om de tijd aan te geven.

Een standaard kalender bevatte - en doet dat nog steeds - uren, dagen, maanden en jaren.

De oude Babyloniërs hadden een maankalender van 12 maan-maanden

van elk 30 dagen en zij voegden zo nodig extra maanden toe

om de kalender in de pas te houden met de jaarseizoenen.

De oude Egyptenaren waren de eersten, die de maankalender baseerden op het zonnejaar.

Zij deelden het zonnejaar in op 365 dagen,

en in 12 maanden van elk 30 dagen,

met 5 extra dagen op het eind om uit te komen.

Maar met de toenmalige nauwkeurigheid van de metingen

bleek zo’n indeling niet nauwkeurig genoeg, nog constant te zijn in de loop der tijd.

Rond 238 V. Chr. verordineerde koning Ptolemius III,

daarom dat er ook bij elk vierde jaar een dag moest worden bijgevoegd,

zoals ook later door Julius Caesar werd vastgesteld.

De Grieken waren de eersten die op wetenschappelijke manier

extra maanden tussen voegden op grond van de jaarlijkse cyclus van de zon.

Zo hadden de Romeinen rond de 7-eeuw v Chr. hun eigen kalender.

Die had 10 maanden met 304 dagen in een jaar,

dat begon met Maart en werd later aangevuld met twee nieuwe maanden, Januari en Februari.

En omdat de maanden maar 29 of 30 dagen lang waren, .

moest er een extra maand elk volgende jaar worden ingevoerd.

De dagen van de maand werden op een onhandige manier berekend.

Dus werd die Romeinse kalender hopeloos verwarrend toen aan de ambtenaren,

de toevoeging van dagen en maanden werd toevertrouwd.

In 45 V Chr. besloot Julius Caesar, op aanraden van de Griekse astronoom Sociogenese,

een zuivere zonnekalender te gebruiken.

Deze kalender, werd bekend als de ’Julian’ kalender

en berust op een normaal jaar van 365 dagen

en in elk vierde jaar een schrikkeljaar met 366 dagen.

De Juliaanse kalender

- de voorganger van de Gregoriaanse kalender

- stelde de volgorde van de maanden en de dagen van de week vast,

zoals dat nu nog op onze huidige kalenders getoond werd.

(Een jaar later, in 44 v Chr. veranderde derde Julius Caesar

de naam van de maand Quintilis in Julius, naar zichzelf.

En de maand Sextilis werd veranderd in Augustus,

ter ere van de Romeinse keizer Augustus, die Julius Caesar opvolgde. )

Het Juliaanse jaar was 11 minuten en 14 seconden langer dan het zonnejaar.

Dit verschil stapelde zich op tot in 1582 de start van de lente 10 dagen te vroeg

verscheen en kerkelijke feestdagen niet meer in de juiste seizoenen vielen.

Om het begin van de lente op 21 maart te laten vallen,

gaf Paus Gregorius XIII een decreet om 10 dagen van de kalender te laten vervallen.

Om verdere verschuivingen te voorkomen, introduceerde hij de ’Gregoriaanse Kalender’,

onze huidige kalender.

(Waaraan wij dus afgelopen 28 februari 2021 weer aan herinnerd werden.)

Daarbij wordt aan elk jaar, dat deelbaar is door het getal vier,

een schrikkeldag toegevoegd, met uitzondering van de jaren eindigend op 00,

die deelbaar moeten zijn door 400.

De Gregoriaanse kalender, wordt tegenwoordig in het grootste gedeelte van de Wereld gebruikt.

Omdat de Gregoriaanse kalender nog steeds zit met maanden van ongelijke lengten,

zijn er talrijke voorstellen gedaan om te komen tot meer praktische kalenders.

Zulke voorstellen zijn verwerkt in een ’International Fixed Calendar’,

waarin 13 gelijke maanden en een eeuwigdurende kalender van vier identieke kwart-periodes.

Tot nu toe is er nog geen enkele van aangenomen.

De huidige situatie

Ons dagelijks leven wordt nu beheerst door twee ogenschijnlijk niet gekoppelde systemen:

1. Het moment dat we met vakantie willen gaan wordt uitgedrukt in dag en maand van het jaar.

2. Het moment dat we op tv het journaal willen bekijken wordt aangegeven

door een digitaal getal, 20:00:00, afgeleid van UTC.

UTC is de opvolger van Greenwich Mean Time (GMT).

Hoewel de tijd overeenkomt met GMT zijn ze niet exact hetzelfde.

GMT is een tijdzone die met name in Europa en Afrika gebruikt wordt

en UTC is een tijdstandaard die niet aan een tijdzone gekoppeld is.

UTC, gebaseerd op UNIX tijd, uitgedrukt in YYYY:MM:DD,

wordt voornamelijk in computersystemen - dus nu ook in ons dagelijks leven.

Het is sinds 1972 een standaardtijd, gestuurd door een atoomklok

en gecoördineerd met de rotatie van de aarde.

Een atoomklok maakt gebruik van de ultra stabiele trillingen van atomen,

een natuur constante en veel stabieler dan de rotatie van de aarde.

De kalendertijd wordt daarom elke januari en juli zo nodig met een seconde gecorrigeerd.

Met de huidige ruimte reizen is een nieuwe situatie ontstaan.

Door de hoge snelheden en lange afstanden worden plaats

en tijd geen onafhankelijke begrippen meer.

Dan gaat Einsteins relativiteit meespelen, waarin ruimte (plaats)

en tijd geen onafhankelijke grootheden meer zijn.

Maar daarover een andere keer. (Pieter, PA0PHB)

RTTY bulletin PI4WNO. Edmond PA3E

 

 

*Goed nieuws: radio-examens weer mogelijk!

Gepubliceerd: 06 maart 2021.

De Stichting Radio Examens (SRE) heeft,

na uitgebreid overleg met de verantwoordelijke autoriteiten,

toestemming ontvangen om binnen de huidige corona-regels weer radio-examens te organiseren.

Het eerste examen dat op basis van de verkregen toestemming wordt afgenomen,

vindt plaats op woensdag 17 maart bij Meeting District in Nieuwegein.

De kandidaten van 17 maart, die eigenlijk in januari al hun examen zouden doen,

zijn inmiddels over dit goede nieuws geïnformeerd.

Bij de examens gelden strikte regels,

zodat het veilig en verantwoord is voor kandidaten en de vrijwilligers van de SRE.

Na het examen van 17 maart vinden ook inhaalexamens plaats

op zaterdag 27 maart en op woensdag 14 april.

Aanmelden voor deze examens is niet meer mogelijk.

Wel zijn er op dit moment nog plaatsen beschikbaar voor het N-examen van 15 mei (Leeuwarden),

de F en N-examens van 26 mei (Nieuwegein) en de F en N-examens van 1 september (Veldhoven).

Aanmelden kan via www.radio-examen.nl.

Dank aan Henk Vrolijk - PA0HPV, secretaris van de SRE, voor het doorzetten van dit bericht!

https://www.daru.nu/  Edmond PA3E

 

 

* World amateur radio day op zondag 18 april 2021

08/03/2021 door Johan Jongbloed PA3JEM .

World amateur radio day: Home but not alone

Op 18 april 1925 ontmoette amateurradio pioniers elkaar in Parijs

en is de International Amateur Radio Union, IARU opgericht.

Daarom is 18 april de world amateur radio day

en organiseren radioamateurorganisaties van over de hele wereld op 18 april tal van radio evenementen.

Radiozendamateurs draaien geen plaatjes

en zijn geen etherpiraten maar experimenteren met radiosignalen

en hebben bijgedragen aan de ontwikkeling van radio zoals u die nu kent.

Radioamateurs experimenteren onder andere met het verbeteren

of ontwikkelen van zend-, ontvangstantennes.

Of onderzoeken nieuwe toepassingen om geluid en/of beeld te verzenden.

Maar ook experimenteren radioamateurs met microsatellieten

in samenwerkingen met wetenschappelijke instituten.

Zo zijn de foto’s, die de Chinese Longjlang2 heeft verstuurd

met hulp van radioamateurs gemaakt.

International Amateur Radio Union

De IARU komt op voor de belangen van de radiozendamateur bij internationale overheden.

Zo speelt de IARU ook een adviserende rol tijdens

de World Radio Conference die elke 3 tot 4 jaar wordt gehouden.

Radioamateurs zijn meestal de eersten die merken

dat er veranderingen zijn in het radiospectrum.

Zo blijken bijvoorbeeld zonnepanelen, ledverlichting

en draadloze laders van elektrische auto’s radiostoring te veroorzaken.

Dat heeft weer invloed op bijvoorbeeld uw wifi, mobiele telefoon

en afstandsbediening van de auto.

Toch wel lastig als uw auto niet wil starten omdat de startonderbreker

de code van de sleutel of keycard niet kan lezen.

Radiozendamateurs en het onderwijs

Op een hoogte van ruim 400 km draait het International Space Station rondjes om de aarde.

Om de jeugd te motiveren voor een studiekeuze in de richting van wetenschap

en techniek organiseert ARISS (Amateur Radio on the International Space Station)

door middel van amateurradio contacten tussen studenten en de bemanning van het ISS.

Ook deze contacten worden door radiozendamateurs gefaciliteerd.

Meer informatie over ARISS is te vinden op de ARISS-website.

Video.

World amateur radio day – evenementen in Nederland

De VHF en hoger commissie geeft op 17 en 18 april 2021

een vervolg aan het RB-DATV experiment van 22 augustus 2020.

Op deze dagen organiseert de VHF en hoger commissie

een Reduced Bandwidth DATV contest.

Ook zal Rob, PE1ITR op 26 maart 2021 een online lezing geven over RB-DATV.

De link om de lezing bij te wonen ontvangen abonnees

en leden via de VERON Nieuwsbrief van maart.

Tevens zal deze online lezing weer gestreamd worden via

het VERON YouTube-kanaal.

Het trafficbureau organiseert een nieuwe contest de PACCdigi.

Dit is een korte contest van 12 uur in de mode RTTY en FT8.

World amateur radio day – evenementen in het buitenland

Bahrein: van 14 tot 18 april 2021

De Bahrain Amateur Radio Society komt uit met de roepletters A91WARD

in de modi SSB, FT8 en DMR.

Canada: 18 april 2021

RAC, Radioamateurs van Canada sponsoren een speciaal evenement

Get on the Air on World Amateur Radio Day.

Details op https://www.rac.ca/ward2021/

Amerika: 18 april 2021

De Fair Lawn (NJ) Amateur Radio Club zal met het clubstation W2NPT in CW en PHONE uitkomen.

Ter ondersteuning van het thema van het evenement van dit jaar

zullen de operators informatie delen over het Health & Welfare Net

dat de club beheert tijdens de pandemie.

https://www.veron.nl/  Edmond PA3E

 

 

*Hoi Edmond,

Hierbij weer een kleine bijdrage.

Hopelijk gaat het weer wat beter met je.

Gr.

Frank

van www.VRT.be  door Tim Trachet

Het artikel is ingekort, en terug te lezen op

https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2015/09/26/draadloze_communicatieveranderdedeoorlogsvoering-1-2451012/

Draadloze communicatie veranderde de oorlogsvoering

Van de vele technologische vernieuwingen die de Eerste Wereldoorlog kenmerken,

is de radio een van de bekendste.

De radio kende in de jaren voor de oorlog een spectaculaire ontwikkeling.

In 1899 zorgde Marconi voor de eerste draadloze verbinding over het Kanaal

en drie jaar slaagde hij erin om radioseinen over de Atlantische Oceaan te sturen.

Het ging toen nog steeds om draadloze telegrafie: het zenden

en ontvangen van radiosignalen in de vorm van Morsetekens, via een seinsleutel.

De techniek van het overbrengen van geluiden via radiogolven,

zat voor de oorlog nog in zijn kinderschoenen.

Het belang van de radio voor de oorlogvoering werd snel duidelijk.

Vooral op zee was het een revolutie.

Voor het eerste keer konden schepen op grote afstand

of bij slecht zicht communiceren In 1905.

De radio maakte het mogelijk schepen in volle zee te verwittigen

dat er oorlog was uitgebroken.

In tijd van oorlogsdreiging konden oorlogsschepen

naar strategische posities varen om daar te wachten op instructies.

De snelle ontwikkeling van de draadloze telegrafie op schepen

was deels te danken aan het militair belang ervan.

De Duitse telecommaatschappij Telefunken zorgde ervoor

dat zoveel mogelijk Duitse schepen met radio uitgerust werden.

Voor het overbruggen van de grote afstanden bouwde Duitsland in 1906

het eerste grote radiostation in Nauen bij Berlijn (dat nog steeds bestaat),

 met een 100 m hoge antenne.

Intussen kregen de Fransen het idee om de Eiffeltoren te gebruiken als de grootste antenne ter wereld.

Verbindingen met de kolonies overzee

Deze grote zenders hadden ook tot doel om contact te houden met de overzeese bezittingen.

Ook hierin deden de Duitsers grote inspanningen,

want ze beseften dat hun kolonies in Afrika

en de Stille Oceaan in geval van oorlog afgesloten zouden zijn.

De radiostations in de kolonies zorgden dan weer voor communicatie

met de Duitse schepen in de Indische en de Stille Oceaan.

Daarom werden de radiostations in de Duitse kolonies in de oorlog

een belangrijk doelwit van vijandelijke aanvallen.

In die tijd verliep een groot deel van de communicatie met Amerika via onderzeese telegraafkabels.

De allereerste oorlogsdaad van Groot-Brittannië was dan ook het doorsnijden

van de Duitse onderzeese kabels,

zodat Duitsland de hele oorlog aangewezen was op radioverbindingen.

De Duitsers hadden daarom een eigen radiostation gebouwd in de buurt van New York,

dat berichten uit Duitsland ontving en ze doorstuurde naar de rest van het Amerikaanse continent.

Toen de VS in 1917 de oorlog aan Duitsland verklaarden,

sloten ze uiteraard dit station,

maar intussen waren de installaties van Nauen krachtig genoeg om Zuid-Amerika te bereiken.

Radio bij de landoorloog

Bij de landstrijdkrachten was het gebruik van de radio in het begin van de oorlog beperkt.

Al in 1900 had het Britse leger draadloze telegrafie gebruikt tijdens de Boerenoorlog in Zuid-Afrika,

maar de apparaten vertoonden zoveel technische mankementen dat er snel afstand van gedaan werd.

De afkeer van de Britse landstrijdkrachten voor wireless communicatie was er nog in 1914.

De Britse interventiemacht in Europa beschikte toen over welgeteld vier radiotoestellen.

Bij de Duitsers lag het anders.

Die maakten bij hun offensief van augustus 1914 vrij intensief van de draadloze telegrafie gebruik

en hadden legereenheden uitgerust met mobiele zendapparaten.

De Duitse legers moesten zich immers in vijandig gebied begeven,

waar de Fransen en de Belgen alle telefoonlijnen vernielden.

Maar in de eerste fase van de oorlog, toen het nog om een bewegingsoorlog ging,

 speelden koeriers te paard nog een hoofdrol in de communicatie.

Veldtelefoons

Toen de Duitse opmars tot stilstand kwam en de loopgravenoorlog zich ontwikkelde,

was de draadloze telegrafie niet zo geschikt voor het overbrengen van berichten tussen de loopgraven en de achterste linies.

Men gebruikte postduiven, koeriers of optische signalen (vlaggen of lampen), en als het kon telegrafie en telefonie via draden.

Vooral de veldtelefoon kende succes.

Telefoneren was snel en handig.

Commandanten konden rechtstreeks met elkaar converseren, zonder dat er een telegrafist voor nodig was.

Telefoonkabels werden gelegd in de gangen tussen de loopgraven, of begraven.

In de praktijk was een lijn die een twintigtal centimeter onder de grond lag voldoende beschermd tegen de meeste granaatinslagen.

Echt discreet waren die verbindingen niet.

Aan beide zijden van het front werden al snel incerceptielijnen aangelegd die door inductie de lijnen van de vijand konden afluisteren.

Op die wijze werd soms belangrijke informatie bekomen.

Op die wijze vernamen de Duitsers details van het Somme-offensief in 1916.

Deze indiscreties werden uiteindelijk belet door nieuwe apparatuur, zoals de Fullerphone,

een (draad)telegraaf - later ook telefoon - die met heel zwakke stroomsterktes werkte,

en niet kon worden afgeluisterd.

Bij een aanval werden de bestormers vaak gevolgd door speciale transmissietroepen,

die de veroverde positie meteen met telefoonlijnen moesten verbinden.

Deze troepen leden vaak zeer zware verliezen, terwijl de kabels snel beschadigd werden.

Tijdens de slag bij Cambrai (1917) waren sommige Britse tanks uitgerust met radio’s.

Eén tank was trouwens belast met het leggen van telefoonlijnen.

Luchtvaart

De rol van de radio in de luchtvaart was in de Eerste Wereldoorlog nog bescheiden, maar niet onbelangrijk.

In de jaren voor de oorlog was er al mee geëxperimenteerd.

Verkenningsvluchten in de lucht zouden des te nuttig zijn als de waarneming meteen

naar het hoofdkwartier konden worden doorgeseind.

In 1914 waren er vooral luchtschepen (zoals Zeppelins) met draadloze telegrafie uitgerust,

omdat die over voldoende ruimte en laadvermogen beschikten om de apparatuur en telegrafist mee te nemen.

Er moesten wel voorzorgen worden genomen dat elektrische stromen

van de radio-installatie niet in contact kwamen met het zeer brandbare waterstofgas in de ballons!

Vliegtuigen met radio vormden in het begin van de oorlog nog een zeldzaamheid.

Het was wachten op sterkere motoren en lichte,

compacte radiotoestellen (aanvankelijk wogen ze nog 40 kg).

Vanaf 1915 kwamen ze steeds meer voor, toen vliegtuigen de “ogen van de artillerie” werden.

Vanuit de lucht moest de positie van de doelwitten voor de zware kanonnen worden vastgelegd.

Sommige vliegtuigen werden daarvoor met radio uitgerust.

Meestal ging het om tweezitters met een piloot en een waarnemer.

Deze laatste zond met een seinsleutel de positie door via een afgesproken code,

een soort vereenvoudigde versie van het Morsealfabet.

Nog in 1915 ontwikkelden de Britten het eerste vliegtuig waar de piloot

met een koptelefoon gesproken instructies vanaf de grond kon horen.

Zelf spreken was er nog niet bij.

Onnodig te zeggen dat de radiotechniek tijdens de oorlog reuzensprongen maakte.

De toestellen werden steeds lichter, handiger en krachtiger.

Dat laatste door de opmars van de radiolamp.

Oorlog in de ether

Behalve voor het zenden van berichten werd de radio ook gebruikt als navigatiebaken.

Schepen en luchtschepen konden zich oriënteren op de positie van zenders.

Voor de navigatie van de zeppelins tijdens hun raids op Frankrijk, Engeland en Rusland,

bouwden de Duitsers trouwens speciale antennes.

Anderzijds ontwikkelde zich de radiodetectie.

Door richtingsgevoelige antennes werd het mogelijk de positie van een vijandige zender te bepalen,

wat bijzonder nuttig was voor het opsporen van schepen, duikboten, enzovoort.

Natuurlijk werden vijandige zenders massaal afgeluisterd.

Onderschepte radioberichten waren mits ze konden worden gedecodeerd

uiteraard bijzonder nuttig voor de inlichtingendiensten.

Die konden daaruit nog andere informatie afleiden dan alleen de inhoud van het bericht.

Zo werd ontdekt dat elke radiotelegrafist de seinsleutel op zijn eigen wijze hanteerde:

de duur en het ritme waarmee de Morsetekens elkaar opvolgden,

waren typisch voor man achter de zender.

Uit dit “Morse-handschrift” konden de afluisterdiensten

de verschillende telegrafisten herkennen en dus de zender identificeren.

En nog voor het begin van de oorlog waren er technieken bekend om radiosignalen te verstoren.

Deze werden met succes gebruikt tegen de Duitse zeppelins.

Met hun radioberichten verraadden de zeppelins hun positie.

In de zones waarboven ze vlogen, traden stoorzenders in actie

die communicatie en radio-navigatie onmogelijk maakten.

De Franse militaire radiodienst deed er nog een schep bovenop: een Franse zendpost

gaf zich uit voor een Duitse radiozender die valse instructies naar de zeppelins stuurde.

Op die wijze mislukte de opdracht van een aantal Duitse luchtschepen.

Een ervan verdwaalde zelfs en verdween spoorloos boven de Middellandse Zee.

www.VRT.be Frank PF1SCT

 

 

* Hallo Luistaraars

ICOM heeft voor 3 Transceivers een software update aangekondigd.

Zie hier voor alle info:

https://icomuk.co.uk/News_Article/2/2492/

Frans PA3CAZ

Omdat niet ieder de Engelse taal machtig is heb ik het voor u vertaald Edmond PA3E.

Nieuwe firmware Icom-updates voor de IC-705, IC-7300, IC-9700

met een soepeler FT8-moduswerking.

Icom zal nieuwe firmware vrijgeven voor onze IC-705, IC-7300 en IC-9700 transceivers.

De updates zijn gepland om de gebruikerservaring te verbeteren en om

communicatiemodi zoals FT8 op te nemen.

De firmware-updates begonnen in januari 2021, te beginnen met de IC-705

(versie 1.20 toegevoegd op 22/01/21) , (versie 1.24 toegevoegd op 05/03/21)

en werden binnenkort gevolgd door versies voor de IC-7300

(versie 1.40 toegevoegd 26 / 02/21) en IC-9700 (versie 1.30 toegevoegd op 26/02/21) .

Firmware-updates omvatten

• One-touch FT8-modus preset

• Scroll-modus houdt het bedieningssignaal automatisch binnen het bereik

• Multifunctionele knoppen zijn verbeterd (nieuw voor IC-7300 en IC-9700)

• Compatibel met de AH-705 antennetuner (voor IC-705)

• WLAN (toegangspunt) -functie is toegevoegd (voor IC-705)

• Andere updates zijn gepland voor elk model

Icom heeft ook updates geleverd voor de RS-BA1 Ver2 (versie 2.30 toegevoegd op 05/03/21) ,

CS-705 (versie 1.10 toegevoegd op 22/01/21)

en de CS-9700 programmeersoftware (versie 1.30 toegevoegd op 26/02/21). 21) .

We zullen deze pagina bijwerken wanneer elke firmware / programmeersoftware wordt bijgewerkt.

Blijf op de hoogte van deze website en social mediakanalen

of meld je aan voor onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van al het Icom nieuws.

Icom UK Sales - sales@icomuk.co.uk

https://icomuk.co.uk/  Edmond PA3E

 

 

* Superantenne .

Frank Webmaster PI4RAZ

Geplaatst op 8 maart 2021.

Rob PE9PE wees me op een linkje naar een YouTube filmpje

waarin getoond wordt waarom ZL3SV altijd zo hard is.

Dat is omdat hij een antenne heeft van 2x 320m (en ik tik geen nul teveel).

Omdat hij gebruik maakt van dezelfde draden als gebruikt worden voor hoogspanningsleidingen,

is de kracht op de bomen waar hij de antenne aan verbonden heeft, 1500kg.

Het goede nieuws is dat alle isolatie- en montagematerialen makkelijk voorhanden zijn,

omdat dat hetzelfde spul is dat voor de hoogspanningsleidingen gebruikt wordt…

Afijn, als je effe 10 minuten hebt, moet je dit zien

https://www.pi4raz.nl/  Edmond  PA3E

 

 

* Si473x printen beschikbaar.

Frank Webmaster PI4RAZ

Geplaatst op 9 maart 2021.

Tjonge, dat ging hard.

Afgelopen weekend waren de printen voor Gert’s Si473x radio binnen

(100 stuks) en de Si4732 IC’s die we besteld hadden.

Na twee dagen is de halve voorraad boards met gesoldeerde Si4732 chips al besteld…

 Na publicatie over deze radio in de RAZzies van september 

vorig jaar waren er veel geïnteresseerden in een print die zich opgegeven hadden

en die we netjes bijgehouden hadden in een lijstje.

Die zijn allemaal gemaild en daarom is het zo hard gegaan.

Via de webshop bieden we de kale print aan

of een print met reeds gesoldeerde Si4732 (SMD) chip.

Vooral die laatste is erg populair.

Er zijn er nog zo’n 24 met chip volgens de voorraad,

dus als je alsnog een print wil kan je die bestellen via de webshop.

Informatie over de bouw vind je in de RAZzies en er komen nog wel wat aanvullende aanwijzingen.

Bij deze weet je dus dat de printen beschikbaar zijn!

https://www.pi4raz.nl/  Edmond  PA3E

 

 

*Onze zuiderburen moppen van deze week:(ben benieuwd wie dit opleest HI)

Een Antwerpenaar rijdt tijdens zijn verlof aan zee als "wielertoerist" rond in West-Vlaanderen.

Het zal u niet verwonderen dat hij, uit een wereldstad komend,

de West-Vlamingen voor ietwat achterlijke boeren neemt.

Hij wil dat ook even laten zien.

Hij stopt met zijn fiets aan een van de zeldzame tankstations die nog met bediening aangeven.

Dan vraagt hij de pompbediende: "Wilde gaai ne keer baaitanken".

De bediende laat zich niet uit zijn lood slaan.

Hij doet glimlachend alsof hij de fiets vol tankt.

"En wilde gaai ne keer maan oole controleren".

Weerom knikt de pompbediende glimlachend en speelt het spel mee.

De Antwerpenaar, gebaart te betalen.

Hij zegt nonchalant hou het kleingeld maar.

Dan springt hij lachend op z'n fiets om te vertrekken.

Op dat moment geeft de pompbediende hem een flinke klap tegen zijn oren.

"Wa doede gaa naa?" panikeert de Antwerpenaar.

De West-Vlaming antwoordt glimlachend.

"Joen deure was nie goed toe".

 

Vier pastoors zitten samen een pint te drinken.

Een Brusseleir, een West-Vlaming, een Limburger en een Sinjoor.

Ze klagen over het weinig volk dat nog naar de kerk komt.

Zegt de Ket: wij hebben iets gevonden :

in Jette zeggen we de Mis af en toe in het Brussels dialect en dan zit de kerk bomvol.

Zegt de West-Vlaming: da doen widder olle doage, mo 't alpt nie.

Zingt de Limburger: daaar kuuunen we niiiet aan deeenke,

waant daan duurt de miiis veeeeeel te laaang.

Tenslotte den Antwerpeneir: spaaiteg da waai gien dialect emme.

 

Een oud Westvlaams boerke wandelt tussen zijn velden en ziet een jonge gast

die wil drinken van het water in de beek.

"Nie van zuup'n ventse, da woatere es nie hezongd, weeje!

Min verkens hen derin hescheet'n!

De jonge kerel antwoordt: "Excuseer, meneer, maar ik versta uw dialect niet.

Ik ben niet van hier, weet u.

Kan u dit een beetje trager zeggen, en in het algemeen Nederlands, alstublieft?"

"Niet te rap drinken, 't water is nogal koud!"

https://www.lachjekrom.com/  Edmond PA3E

 

 

*Heeft ook u iets te koop.

 

Of weg te geven of u zoekt iets.

Misschien hebt u informatie nodig?

Laat het weten via het ORB e-mailadres

wij nemen het dan op in de ronde.

Misschien kan een medeamateur u helpen*

Zo nu zijn we weer aan het einde gekomen van deze 771e ronde.

Johan PD2JCW, en Frank PF1SCT

en onze vast copy leveranciers

wensen u nog een prettige avond verder.

Tot de volgende ronde maar weer.

Het ORB TEAM


Terug naar de Ronde